nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

19.09.2019 Waalse landbouwonderzoekers gaan de handen vol hebben

In een derde en laatste bijdrage over het regeerakkoord van de nieuwe Waalse regering zoomen we in op de prioriteiten voor het landbouwonderzoek. Voor instellingen zoals het vermaarde onderzoeksinstituut CRA-W in Gembloux is er werk aan de winkel want de verwezenlijking van de Waalse landbouwambities vraagt veel ondersteunend onderzoek en de bijbehorende voorlichting. De regering van PS, Ecolo en MR kondigt aan dat er eerst een vergelijkende studie zal gebeuren van de verschillende productiewijzen. Zo willen de beleidsmakers meer inzicht verwerven in hun bijdrage aan de voedselvoorziening, hun milieuvoetafdruk en hun belang in termen van tewerkstelling. Naar de uitkomst van de studie kan dan gerefereerd worden bij het maken van beleidskeuzes.

Net als het Vlaamse landbouwonderzoeksinstituut ILVO doet diens Waalse tegenhanger CRA-W wetenschappelijk en toegepast onderzoek ten behoeve van de landbouwsector en voedingsindustrie. Met ruim 400 personeelsleden, van wie 120 wetenschappers, wordt er in de loop van een jaar gewerkt aan meer dan honderd onderzoeksprojecten. De vier grote onderzoeksdomeinen zijn precisielandbouw, precisieveehouderij, risicobeheersing en productkennis. Nu er een nieuwe Waalse regering is, veranderen mogelijk de verwachtingen ten aanzien van het landbouwonderzoek dat met publieke middelen gefinancierd wordt.

In het regeerakkoord staat alleszins een apart hoofdstuk gewijd aan landbouwonderzoek. Naast de aankondiging van vergelijkend onderzoek naar de verschillende productiewijzen staat daarin te lezen: “De regering zal de missie en de werking van CRA-W evalueren om zijn rol in het landbouwonderzoek te versterken.” Vervolgens wordt de verwachting gecreëerd dat het Waalse landbouwonderzoeksinstituut producenten en verwerkers nog beter moet bijstaan en innovaties nog meer ingang moet doen vinden, “vooral in het licht van de diversificatie van productiewijzen en de verspreiding van nieuwere methoden zoals bio- en agro-ecologische landbouw en permacultuur”. Verder beoogt de nieuwe regering een betere kennisuitwisseling tussen het Centre wallon de Recherches agronomiques en externe organisaties.

Op de verwachtingen van de nieuwe Vlaamse regering ten aanzien van het landbouwonderzoek is het wachten op het naar buiten treden van een meerderheid. Tijdens een persbabbel met voorzitter Sonja De Becker polste VILT alvast bij Boerenbond naar de behoeften. “Die zijn immens”, aldus De Becker, “maar de middelen voor landbouwonderzoek zijn beperkt, zelfs inclusief de Europese middelen.” Daarom geeft Boerenbond al lang aan dat onderzoekscentra goede afspraken moeten maken zodat er geen dubbel werk gebeurt, en de beschikbare middelen door samenwerking maximaal ingezet worden voor de landbouwsector. Agrolink Vlaanderen noemt De Becker in die optiek een goede zaak, “maar het kan altijd nog beter en allianties dienen ook grensoverschrijdend te zijn om in aanmerking te komen voor Europese middelen”.

“Landbouwonderzoek is van kapitaal belang en we investeren daar als landbouworganisatie ook zelf in”, vervolgt Sonja De Becker. “Van de onderzoekscentra moeten de oplossingen komen voor uitdagingen zoals klimaat en gewasbescherming. Praat je met mensen uit de sector in het buitenland, dan hoor je dat we fier mogen zijn op ons landbouwonderzoek. Nederland heeft in feite enkel nog Wageningen Universiteit nadat het praktijkonderzoek er samen met de Productschappen verdween. De Vlaamse praktijkcentra staan heel kort bij de boeren. Dat moeten we bewaren en bewaken.”

Bron: eigen verslaggeving

Beeld: CRA-W

Volg VILT ook via