nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

06.04.2018 Wat is het recept voor een veerkrachtige landbouw?

Stabiliteit, flexibiliteit en transitie. Dat zijn de drie fundamenten onder een veerkrachtig landbouwbedrijf volgens 16 onderzoekscentra uit 11 Europese landen die betrokken zijn bij het Horizon2020-onderzoeksproject SURE-farm. “Traditionele strategieën volstaan niet”, zo klinkt het. In Vlaanderen zal binnen het project gefocust worden op de intensieve melkveehouderij. “Melkveebedrijven kiezen vaak voor groei, worden kapitaalsintensiever en worden door het afschaffen van de quota meer en meer blootgesteld aan financiële risico’s”, aldus Erwin Wauters van ILVO. Ook KU Leuven neemt deel aan het onderzoeksproject. 

Prijsschommelingen, extremere weersomstandigheden, schaalvergroting, vergrijzing, kritisch consumentengedrag. De uitdagingen voor de landbouwersector zijn groot, en dus is het hoog tijd om na te denken hoe landbouwbedrijven zichzelf weerbaar(der) kunnen maken. 16 onderzoekscentra uit 11 Europese landen zullen zich via het Horizon2020-onderzoeksproject SURE-farm buigen over de vraag hoe de sector zijn veerkracht kan verhogen. Diezelfde vraag staat trouwens ook in de hervorming van het Europese landbouwbeleid hoog op de agenda.

Het onderzoeksproject moet resulteren in concrete inzichten waarmee zowel beleidsmakers als de landbouwsector zelf aan de slag kunnen. “Traditionele strategieën volstaan niet”, zo klinkt het bij de onderzoekers. “Veerkracht gaat veel verder dan de veronderstelling dat beleidsmaatregelen en marktinstrumenten gericht moeten zijn op robuuste bedrijven en inkomens, die stabiel blijven als ze onder druk komen te staan door externe of interne uitdagingen.”

“Soms zijn radicale veranderingen nodig in de manier waarop goederen en diensten worden geproduceerd, gefinancierd en op de markt gebracht”, aldus projectcoördinator professor Miranda Meuwissen (Wageningen Universiteit). “Het zijn niet de bedrijven op zich die centraal moeten staan in het beleid, maar de functies die zij vervullen, zoals de productie van voedsel, het genereren van inkomens in plattelandsgebieden, en het leveren van ecosysteemdiensten.”

Om impact te hebben moeten meerdere processen tegelijk aangepakt worden: de Europese beleidsvorming, risicomanagement, demografische verandering, institutionele verandering en nieuwe manieren van produceren. “De landbouwsector moet zelf bijdragen aan veerkracht via bottom-up leerprocessen, ondernemerschap en innovatie”, zo klinkt het. In de 11 betrokken Europese landbouwregio’s wordt de veerkracht van specifieke landbouwtypes bestudeerd.

In Vlaanderen zijn het Instituut voor Landbouw- en Visserijonderzoek (ILVO) en KU Leuven projectpartners en wordt gefocust op de intensieve melkveehouderij. “Melkveebedrijven zetten vooral in op groei”, aldus Erwin Wauters van ILVO. “Ze zijn vaak sterk afhankelijk van externe inputs en worden ook kapitaalintensiever. Dat brengt vooral financiële risico’s met zich mee die worden versterkt door volatiele melkprijzen die het gevolg zijn van het wegvallen van het quotum drie jaar geleden.”

“Een heel diverse set aan onderzoeksmethodes geeft ons inzicht in factoren die bepalend zijn voor de veerkracht van onze Vlaamse melkveebedrijven”, vult Erik Mathijs (KU Leuven) aan. “Naast het kwantitatieve modelleren van de impact van veerkracht-verbeterende strategieën en regelgeving, gebruiken we ook co-creatie met stakeholders. We vertrekken van uitgebreide scenario’s van uitdagingen en zoeken samen met de sector naar effectieve en bruikbare strategieën, om bijvoorbeeld de sector aantrekkelijker te maken voor nieuwkomers en toekomstige generaties.” 

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via