nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

19.02.2020 Wat met Ceta na Nederlands njet?

Het lijkt erop dat Ceta, het handelsverdrag met Canada, niet zal goedgekeurd worden in de Nederlandse Eerste Kamer. Enkele tegenstanders vrezen onder andere een negatieve impact op de Nederlandse rundveehouderij. Als Ceta niet door het Nederlandse parlement geraakt, wil dat evenwel niet zeggen dat het verdrag dood en begraven is. Europa kan dan beslissen om een clausule toe te voegen aan het verdrag of het verdrag op te splitsen.
De commotie rond de ‘Comprehensive and economic trade agreement’ (Ceta), na de ‘non’ van Paul Magnette (PS) in 2016, is terug van nooit weggeweest. De Nederlanders komen 6 stemmen te kort om het verdrag goed te keuren. De Nederlandse minister van Handel Sigrid Kaag (D66) deed er de laatste dagen alles aan om parlementsleden van kleinere partijen te overtuigen om toch ja te stemmen. Ook de Canadese ambassadeur lanceerde nog een charmeoffensief voor rundvlees uit Canada.
 
Kaag kon haar kleine coalitiepartner ChristenUnie (CU), die zich altijd gekant had tegen het verdrag, op het laatste nippertje nog overtuigen om ja te stemmen op voorwaarde dat er extra Nederlandse douanecontroles op Canadees vlees (met hormonen) en EU-controles op Canadese boerderijen zouden komen. Daarmee werd het verdrag met een nipte meerderheid van 3 stemmen goedgekeurd in de Tweede Kamer. Maar de coalitie onder leiding van premier Mark Rutte heeft geen meerderheid in de Eerste Kamer, die ook nog moet instemmen met het verdrag. Daar moeten ze dus nog minstens 6 stemmen zien te ronselen bij oppositiepartijen.
 
Maar het charmeoffensief lijkt op een koude steen te botsen bij Henk Otten (Groep Otten) en de conservatief protestantse SGP. Zowel Otten als SGP trekken de kaart van de Nederlandse veetelers. Volgens SGP zou Ceta de doodsteek betekenen voor Nederlandse boeren. Ook de socialisten van PVDA, de linkse SP, GroenLinks, Partij voor de Dieren en de rechtse fracties van Thierry Baudet en Geert Wilders drukken op de rode knop.
 
Nog een struikelblok voor veel partijen is het arbitragemechanisme in de vorm van het Investment Court System (ICS). Via dat parallel gerechtelijk systeem, dat los staat van de staat, kunnen investeerders lidstaten aanklagen als hun rechten als investeerder geschonden worden. De Europese Commissie voerde al wat aanpassingen door aan het ICS, vooral onder impuls van de tegenkanting van Magnette, waardoor het ICS een stuk transparanter zou zijn. Maar voor de Nederlanders volstaat dit vooralsnog niet.
 
Het Ceta-verdrag werd op 15 februari 2017 al goedgekeurd door het Europees parlement. In afwachting van de ratificatie door de lidstaten, zijn sommige delen van het verdrag al in werking getreden. Zo zijn de handelstarieven sinds 21 september 2017 opgeheven. Ondertussen hebben 13 EU-lidstaten hun goedkeuring gegeven.
 
Als Ceta niet door het Nederlandse parlement geraakt, wil dat niet zeggen dat het verdrag dood en begraven is. Europa kan dan beslissen om een clausule toe te voegen aan het verdrag waarin de Nederlandse bezorgdheden opgenomen worden. De andere 26 EU-lidstaten zullen dat op hun beurt door hun parlement moeten laten goedkeuren. Een andere optie is om het verdrag op te splitsen. Dat is een mogelijkheid omdat Ceta een gemengd verdrag is. De lidstaten van de Unie kunnen enkel hun zegje doen over de dienstensector en het ICS. Alle andere maatregelen in het verdrag vallen onder de bevoegdheid van de Europese Unie, die via het parlement haar goedkeuring al gaf.

Bron: De Standaard / NOS

Volg VILT ook via