nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

17.10.2014 Wilde groentengenen voor sterkere gewassen

Dorien Knockaert doet in De Standaard het verhaal van de genenbank die bijgehouden wordt aan de universiteit van Wageningen. De wilde soorten van onze commerciële groentevariëteiten gaat Chris Kik, hoofdcurator bij de Nederlandse genenbank, zoeken rond de Middellandse Zee en in Centraal-Azië. Zijn doel is genen verzamelen die onze moderne groenten weerbaarder kunnen maken. Met spinaziezaad dat hij van expedities naar Oezbekistan en Tadzjikistan meebracht, werden kruisingen gemaakt die zullen resulteren in nieuwe commerciële spinazierassen. Door de inbreng van wilde genen moeten die nieuwe rassen beter bestand zijn tegen wolf, een vervelende ziekte in spinazie.

De hoofdcurator van de Nederlandse genenbank gaat voortdurend op expeditie, vaak naar kleine eilandjes of afgelegen bergstreken, om er zaden van wilde groenten te verzamelen. De Standaard somt enkele reizen op die Chris Kik maakte. Voor wilde prei trok hij al naar Griekenland, voor wilde sla naar Armenië en Azerbeidzjan, voor spinazie naar Oezbekistan en Tadzjikistan. Dichter bij huis vind je wel eetbare wilde planten, maar niet de wilde voorouders van onze commerciële groenterassen.

"Ik zoek niet zomaar naar wilde groenten, maar vooral naar wilde groenten die in extreme milieus overleven. In grote droogte of zoutrijke milieus bijvoorbeeld, want daar ontwikkelen planten eigenschappen die ook interessant kunnen zijn voor landbouwgewassen die door klimaatverandering of verzilting op de proef gesteld worden." De traditionele manier van veredelen, kruisingen maken, volstaat meestal om met die wilde genen een nieuwe variëteit te ontwikkelen. Maar dat heeft zijn beperkingen want de zouttolerante strandsla kan je bijvoorbeeld niet kruisen met gewone sla. De eigenschap overbrengen zou dus alleen kunnen via genetische modificatie, maar Kik denkt dat de techniek te duur is voor groenten en alleen commercieel interessant is voor basisgewassen zoals maïs of soja.

Zadenjager, zoals Kik zijn functie omschrijft, is een vrij zeldzaam beroep. Wereldwijd zijn er een stuk of tien onderzoeksinstituten die wel eens expedities houden. Er is alleszins vraag naar, want de genenbanken die ze aanleggen worden intensief gebruikt en de groenteveredelaars staan volgens Kik te springen om meer diversiteit in het genetische materiaal. Door verdragen die bepalen dat genetisch materiaal toebehoort aan het land waar de planten groeien, is het werk van Kik en andere zadenjagers er (administratief) veel moeilijker op geworden. Er zijn zelfs landen die hen weren van hun grondgebied.

Bron: De Standaard

Beeld: WUR

Volg VILT ook via