nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

14.11.2016 Klein jaarbudget dwingt EFSA volgens ngo tot haastwerk

Lobbywaakhond CEO, voluit Corporate Europe Observatory voor degenen die de in Brussel gevestigde ngo niet zouden kennen, heeft een vette kluif aan de benoemingen bij voedselveiligheidsautoriteit EFSA. Over de kwaliteit van hun advies aan Europa is CEO evenmin tevreden. “Wie bijhoudt hoeveel rapporten EFSA jaarlijks produceert, komt snel tot de conclusie dat wetenschappers die op vrijwillige basis in de EFSA-panels zetelen die onmogelijk allemaal zelf kunnen produceren”, zegt Nina Holland (CEO) in een interview met VILT.

De Europese markttoelating van de onkruidbestrijder glyfosaat is één van de dossiers waar lobbywaakhond CEO zijn tanden heeft ingezet. Volgens Nina Holland illustreert het glyfosaatdossier hoe vluchtig EFSA te werk gaat. Onder meer een gevolg van het “waanzinnig lage jaarbudget van 80 miljoen euro”, aldus Holland, “wat tot gevolg heeft dat experten op vrijwillige basis de EFSA-panels bevolken naast hun gewone job, of experten uit de lidstaten die we niet mogen kennen het werk doen.”

Alleen al voor het panel voedingsexperten telde ze 3.000 adviezen in drie jaar tijd, “dat zijn er omgerekend een drietal per dag”. Idem bij het pesticidenpanel, dat iedere maand meerdere rapporten van tientallen bladzijden publiceert. “Vrijwilligers kunnen dat niet zelf geschreven hebben, ik vrees dat ze de studies zelfs niet allemaal gelezen hebben”, klinkt het kritisch.

Bij CEO constateert men dan ook dat de EFSA-panels sterk leunen op het onderzoek en de conclusies die aangeleverd worden door het bedrijfsleven. In het geval van glyfosaat zag EFSA geen gevaar voor de mens en baseerde het zijn geruststellende conclusie onder meer op drie muizenstudies van de fabrikanten van glyfosaat. “Het Internationaal Agentschap voor Kankeronderzoek (IARC), onderdeel van de Wereldgezondheidsorganisatie, waarschuwde daarentegen voor het waarschijnlijk kankerverwekkend zijn van glyfosaat”, vertelt Nina Holland.

De fabrikantenclub ‘Glyphosate Task Force’, aangevoerd door Monsanto, vindt enkel de zelf uitgevoerde studies ‘science based’. “Het gaat om onderzoeken die niet volledig openbaar zijn. Je kan ze enkel inkijken in een ‘reading room’ in een Brussels advocatenkantoor waarbij het je verboden wordt om de studies te kopiëren of nota’s te nemen. Als wetenschapper heb je daar niets aan want je kan het onderzoek van de fabrikanten niet reproduceren. Laat dat nu net de essentie van wetenschap zijn, dat je een experiment kan (her)doen en dat andere wetenschappers het kunnen nakijken”, hekelt Holland.

De Europese Unie kiest ervoor om EFSA te volgen, “terwijl je blijkbaar tot een andere conclusie komt als je het voorlegt aan onafhankelijke experten die enkel kijken naar wat er gepubliceerd is over glyfosaat in de wetenschappelijke literatuur”. Helemaal verwarrend werd het toen het pesticidenresidupanel van WHO en FAO de blootstelling aan glyfosaat via voeding veilig bevond. Bij CEO zijn ze niet gerustgesteld, integendeel, want zo zegt Nina Holland: “Vergeet niet dat we ook via lucht en water, en gebruikers tevens direct, blootgesteld worden aan de chemische onkruidbestrijder. Bovendien is het kankerverwekkend zijn van een stof volgens Europese regels genoeg om verboden te worden. Er zal immers altijd nog wel iemand zijn die met de stof in aanraking komt.”

Meer weten? Lees het interview met Nina Holland in de wekelijkse duiding ‘geVILT’.

Bron: eigen verslaggeving

Beeld: Corporate Europe Observatory

Volg VILT ook via