nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

28.05.2019 Vaart open ruimte wel bij minder maar grotere stallen?

Naar aanleiding van buurtprotest tegen een zogenaamde megastal in de Markvallei sprak het weekblad Knack met de indiener van de plannen, landbouwer Jimmy Quirynen: “Veel mensen koesteren een idee-fixe dat groot per definitie problemen betekent. Maar ze zien die problemen niet als het om supermarkten als Colruyt gaat, want dan zien ze alleen de lagere prijzen. Al onze toeleveranciers en afnemers worden groter, dus moeten wij mee als we economisch rendabel willen blijven. De realiteit is dat we niet terug kunnen naar vroeger, naar kleinschalige landbouw.” De familie Quirynen is actief in de Noorderkempen waar de schaalvergroting in land- en tuinbouw zichtbaar hard gaat. Hoe je dat verzoent met het behoud van open ruimte was de hamvraag op een debatavond in Merksplas. De antwoorden die daar kwamen, legde VILT voor aan Boerenbond.

Tijdens de debatavond werd niet dieper ingegaan op de bouwplannen van Quirynen in de Markvallei. Het burgercomité ‘Red de Markvallei’ rekende op experten in landbouw, natuur en ruimtelijke ordening om hen het grotere plaatje op het raakvlak van die drie beleidsdomeinen te schetsen. VILT was aanwezig, en brengt deze week uitgebreid verslag uit. Het weekblad Knack verdiepte zich naar aanleiding van die debatavond in de megastal van Merksplas, sprak met de initiatiefnemer en met burgers die zich daar en elders in Vlaanderen verzetten tegen de bouwplannen van veehouders.

Lees ook: (Land)bouwen we de Kempen vol?

Twee bekende dossiers die in het Knack-artikel aan bod komen, zijn de plannen van een Nederlander om in Halen (Vlaams-Brabant) een bestaand varkensbedrijf om te vormen tot een groot en modern zeugenbedrijf met 3.300 moederdieren. In Oudenaarde beroert een stal met 150.000 kippen de gemoederen. Knack omschrijft die bouwprojecten als ‘megastallen’, maar officieel bestaat dat concept niet. “Het begrip is niet eenduidig gedefinieerd en bijgevolg eerder subjectief en arbitrair”, liet het kabinet van minister Koen Van den Heuvel aan Knack weten. Zijn kabinet benadrukt dat het vergunningenbeleid sturen op basis van bedrijfsgrootte of dierenaantallen “onlogisch en juridisch onverdedigbaar” is. “Een veehouder met meer kippen in een nieuw stalsysteem zal minder hinder veroorzaken dan een collega met minder dieren in een oudere stal.”

De vergunning van de omstreden varkensstal in Halen werd geweigerd door Van den Heuvel. Zijn voorganger Joke Schauvliege kende de vergunning voor de nieuwe melkveestal van de familie Quirijnen eind vorig jaar wél toe. Zowel Natuurpunt – met de steun van buurtbewoners – als de gemeente Merksplas vechten die beslissing aan bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen. Burgemeester van Merksplas Frank Wilrycx (Open Vld) verklaart zijn tegenstand door het negatief advies van de plaatselijke Landbouwraad. Dat maakte hij in zijn 19 jaar als burgemeester niet eerder mee en hij geeft er deze uitleg aan: “Veel lokale boeren zijn bang dat ze uit de markt worden geconcurreerd door de zogenaamde agro-industriëlen.”

Knack-journalist Dirk Draulans wou van Jimmy Quirynen het fijne weten van dat negatieve advies van de Landbouwraad. “De sector zit in zwaar weer en ziet ons als een bedreiging. De land- en tuinbouw heeft hard gewerkt om het comfort van de mensen te verhogen door hen goede en gegarandeerde voeding te verschaffen. Maar hij is het slachtoffer van zijn succes geworden, zodat veel landbouwers niet genoeg meer verdienen. Als mensen terug willen naar wat ze de gezellige kleinschaligheid van vroeger noemen, zullen ze wel moeten aanvaarden dat de prijzen van hun voeding sterk zullen stijgen”, reageert de ondernemende landbouwer.

Vervolgens somt Quirijnen de voordelen van een goed gerunde megastal op. “Alle afvalwater kan hergebruikt worden, zelfs als drinkwater voor de dieren. De stallen zijn optimaal ingericht voor de koeien, inbegrepen een aangenaam klimaat en aantrekkelijke ligbedden. Het geheel zal op korte termijn CO2-neutraal worden. Koeien die 11.000 liter melk produceren, stoten niet meer methaangas uit dan dieren die 6.000 liter opbrengen. Ook voor de ruimtelijke ordening zijn grote stallen beter, want er zullen minder stallen zijn. Vandaag worden veel boerderijen die vrijkomen ingeschakeld voor activiteiten die niets meer met landbouw te maken hebben, wat de druk op het platteland vergroot. Dat moet beter geregeld worden”, vindt hij.

Lees ook: Is er nog ruimte voor landbouw in Vlaanderen?

Op VILT.be verduidelijkt landbouwonderzoeksinstituut ILVO de visie die daaromtrent vertolkt werd door onderzoekster Anna Verhoeve. De trend van minder maar grotere landbouwbedrijven zou volgens haar een opportuniteit kunnen zijn voor het behoud van de open ruimte. Dan moet Vlaanderen er wel in slagen om effectief tot ontharding over te gaan op het niveau van de 750 hoeves die ieder jaar hun landbouwfunctie verliezen en niet in handen komen van naburige landbouwers. De nieuwe Vlaamse regering zal daar de nodige instrumenten voor moeten aanreiken want het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen komt niet verder dan strategische doelstellingen.

In het onthardingsproject ‘Boer ruimt veld’, waar Boerenbond in participeert, gaan ILVO, studiebureau Voorland en KU Leuven op zoek naar beleidsinstrumenten die eigenaars en landbouwers ertoe zouden kunnen aanzetten om tot sloop en het verwijderen van oude en afgeschreven bedrijfsgebouwen over te gaan. Voor Boerenbond is overduidelijk dat financiële ondersteuning nodig zal zijn. Waarom precies, dat legt de organisatie in dit artikel uit. Van het nog te ontwikkelen beleidskader voor agrarische reconversie verwacht de organisatie dat het voorziet in een goed gevulde instrumentenkoffer: een voorkooprecht voor actieve landbouwers op bestaande landbouwsites, verbouwingssubsidies en een slooppremie voor landbouwers die aan ‘brownfieldontwikkeling’ doen, een vergoedingsregeling voor kapitaalverlies bij de eigenaars,...

Momenteel leiden de ruime wettelijke mogelijkheden inzake functiewijziging tot een bestendiging en verdere uitbreiding van zonevreemde activiteiten in het buitengebied. Boerenbond vindt dat niet wenselijk en oppert dat de bestaande zonevreemde basisrechten herbekeken moeten worden. Wat het verankeren van de landbouw in landbouwgebied betreft, heeft de organisatie een goed gevoel bij de strategische doelstellingen van het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen. Twee passages zijn in deze belangrijk: “Er wordt een beleid gevoerd zodat het aandeel landbouwgebied dat niet door de professionele landbouw wordt gebruikt in 2050 is afgenomen ten opzichte van 2015. En, er geldt een strikt kader voor het hergebruik van voormalige landbouwbedrijfsgebouwen of andere bestaande zonevreemde bebouwing en voor nieuwe zonevreemde ontwikkelingen in de open ruimte.”

Lees ook: Hoe realiseer je ontharding in buitengebied?

Op dit moment gaan provinciale maar ook lokale besturen reeds aan de slag met deze en andere doelstellingen uit het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen. Vragen we aan Boerenbond wat zij daarvan vinden, dan weerklinkt vooreerst de wens van sturing op Vlaams niveau om beleidsversnippering en de bijbehorende rechtsonzekerheid te vermijden. Meteen gevolgd door bezorgdheid over het behoud van ontwikkelingsruimte voor landbouwbedrijven, en over een mogelijk gebrek aan begrip voor het feit dat landbouwers hun eigen ondernemerskeuzes maken.

“Landbouwers zoeken antwoorden op uitdagingen waar ze als bedrijfsleider mee geconfronteerd worden. Deze uitdagingen zijn divers: een eerlijk inkomen uit de landbouwactiviteit, een product op de markt brengen waarvoor de consument een eerlijke prijs wil betalen, oog hebben voor dierenwelzijn en milieuvoorwaarden, enz. De ene vindt antwoorden door in te zetten op schaalvergroting en moderne technieken, de andere zoekt die antwoorden in kleinschaligheid gecombineerd met korte keten, of biologische landbouw. Elk antwoord dat een landbouwer vindt om zijn bedrijf van een duurzame toekomst te verzekeren, verdient onze steun.”

Betekent dat zoveel als dat eender welke landbouwactiviteit in gans het landbouwgebied toegelaten moet worden? Die mening is Boerenbond niet toegedaan, en in de praktijk is dat uitgesloten. Bij de vergunningverlening gebeurt immers een toetsing met de goede ruimtelijke ordening en met de milieuvoorwaarden. Bovendien wordt er in recente ruimtelijke uitvoeringsplannen heel wat bouwvrij agrarisch gebied afgebakend. Met dat laatste heeft de landbouworganisatie enkel vrede als het vanuit de juiste argumentatie gebeurt, bijvoorbeeld voor het vrijwaren van een beschermd landschap. Boerenbond vindt het wel belangrijk dat bestaande bedrijven de kans blijven krijgen om uit te breiden en er ook voldoende ruimte blijft voor nieuwe inplantingen en herlokalisatie van bedrijven.

Tot slot merkt Boerenbond nog op dat toegang tot grond voor landbouwers haast even belangrijk is als rechtszekerheid over de ontwikkelingskansen voor hun bedrijven. Gaat het over grond, dan kijkt Boerenbond naar de Pachtwet, die eigenaars meer kan stimuleren om gronden te verpachten aan landbouwers. Een ruimer grondbeleid kan naar verluidt zelfs voorzien in fiscale instrumenten om ongewenste zonevreemde activiteiten in het buitengebied te ontmoedigen.

Bron: eigen verslaggeving / Knack

Beeld: Anna Verhoeve i.o.v. ILVO

Volg VILT ook via