nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

04.09.2019 KU Leuven oogst eerste "zonne-aardappelen"

Op een proefveld in het West-Vlaamse Beernem rooiden wetenschappers de eerste zogenaamde “zonne-aardappelen”. Ze groeiden op in de schaduw van een zonnepark, wat een primeur is in ons land. “Zonnepanelen boven landbouwgrond zijn de toekomst”, meent professor Bram Van de Poel (KU Leuven). “Landbouwgrond is kostbaar”, gaat de professor Bio-ingenieurswetenschappen verder. “België is klein en dichtbevolkt. De beschikbare ruimte voor landbouw moet vooral voedsel opbrengen, maar planten kunnen ook in de schaduw groeien. Agrivoltaics zijn een revolutie in de landbouw, met gewassen die onder zonnepanelen geteeld worden.” Een aantal groenten kunnen schaduw verdragen, terwijl zonnepanelen boven fruit bescherming kunnen bieden tegen weersextremen zoals een hagelstorm of hittegolf die zonnebrand veroorzaakt. Vooral bij de fruittelers in de gebruikersgroep is de interesse daarom groot.

“Elektriciteit produceren is financieel een pak interessanter dan groenten kweken”, zegt professor Bio-ingenieurswetenschappen Bram Van de Poel (KU Leuven), “maar de planeet moet ook eten. Met agrivoltaics kunnen we de opbrengsten van een veld waarborgen. Om dit efficiënt aan te pakken, is meer inzicht nodig. Het is niet de bedoeling om de oogst op te offeren aan energie. Gewassen onder zonnepanelen moeten rendabel blijven.” De eerste prognoses spreken van een potentieel productieverlies tot maximum 20 procent. Dat wordt gecompenseerd door de productie van duurzame energie.

“De elektriciteitsproductie in ons land moet dringend verder verduurzamen”, aldus Jan Cappelle, professor Energie aan de Gentse afdeling van KU Leuven. “Een hectare landbouwgrond kan – bovenop de voedselproductie – makkelijk stroom leveren voor 100 gezinnen. Een energietransitie naar agrivoltaics heeft een enorm potentieel. Onderzoekers Brecht Willockx en Thomas Reher ontwikkelen een computermodel om de hoeveelheid elektrische energie te voorspellen, samen met de verandering in biomassa. Hiervoor bepaalt het programma de optimale opstelling van de panelen.”

Er zijn verschillende manieren om zonnepanelen boven landbouwgrond te installeren, verspreid in rijen of in dambordpatroon. Licht is daarbij het belangrijkste criterium. “De panelen worden hoog boven het veld getild zodat het zonlicht de planten blijft bereiken”, verduidelijkt Van de Poel. “Daarnaast moet er voldoende ruimte zijn voor landbouwmachines. De combinatie met akkerbouwteelten die om grote machines vragen, lijkt daarom minder evident dan met de teelt van groenten en fruit op een wat kleinere schaal. Op een maïsveld zie ik ook weinig voordelen van zonnepanelen. We focussen ons vooral op teelten die vandaag al onder beschutting geteeld worden: fruit en aardbeien. Niet alle landbouwgewassen hebben evenveel behoefte aan zon. Ook groenten zoals sla en spinazie kunnen zeker schaduw verdragen.”

Afgelopen vrijdag brachten Vlaams landbouwminister Koen Van den Heuvel en Europarlementslid Hilde Vautmans nog een bezoek aan een fruitplantage die zwaar getroffen was door hagel en zonnebrand. Teelten zoals aardbei, bes en kers worden nu al beschut met netten en plastic schermen. Voor hardfruit dringt de investering in hagelnetten (die ook het risico op zonnebrand verkleinen, nvdr.) zich op want weersextremen hebben de voorbije jaren al te vaak de oogst van maandenlang werk vernield. “Zonnepanelen kunnen extra bescherming bieden, zowel bij hagel als op extreem zonnige dagen”, suggereert Van de Poel een alternatief voor teeltbescherming.

Warme, droge zomers komen tegenwoordig frequent voor. “Onder de panelen heb je minder verdamping”, verklaart Van de Poel, “wat voor betere oogsten zorgt. Onder zonnepanelen kun je een gunstig microklimaat creëren. Het is een nieuwe vorm van klimaatcontrole.” Zet daar nog de bescherming tegen weersextremen naast – zonnepanelen brengen geld op terwijl een hagelnet veel geld kost – en het enthousiasme van de tuinders in de gebruikersgroep mag duidelijk wezen. “De permanente teelten uit de fruitteelt lenen zich ook beter tot de plaatsing van zonnepanelen dan eenjarige gewassen. Fruittelers kunnen de early adaptors van agrivoltaics worden”, deelt de Leuvense professor hun enthousiasme. Ook de interesse van vele KMO’s uit de energiesector is gewekt: installateurs van zonnepanelen, fabrikanten en R&D-specialisten. Zij maken eveneens deel uit van de gebruikersgroep die betrokken wordt bij het TETRA-project ‘Agrivoltaics, een symbiose tussen energie en plantenoogst’.

“Onze agrivoltaics-frietjes zijn nog maar het begin”, besluit energiespecialist Cappelle. “De testsite bij Ministry of Solar en de zonne-aardappelen zijn de aanloop naar een groot onderzoeksproject in samenwerking met Boerenbond, meer bepaald met het Innovatiesteunpunt. Het optimum vinden tussen energie en oogst is de grote uitdaging. Tegelijk moet de impact op de landbouwactiviteit en de omgeving zo klein mogelijk blijven. In Nederland, Duitsland en Frankrijk lopen al langer grote proefprojecten rond agrivoltaics. Amerikaanse onderzoekers berekenden dat zonnepanelen boven één procent van alle landbouwgrond de hele wereld van stroom kunnen voorzien.”

Tot slot werpt VILT hen nog de vraag voor de voeten hoe verstandig het is om zonnepanelen op landbouwgrond te plaatsen zolang niet alle daken zonnepanelen dragen. “Met ons onderzoek werken we toekomstgericht. Mocht je alle daken in Vlaanderen vol zonnepanelen leggen, dan halen we de doelstelling voor hernieuwbare energie nog niet. In die optiek biedt het grote landbouwareaal veel potentieel.” Volgens professor Van de Poel zegt de wetgever niet bij voorbaat nee: “Het beleid inzake ruimtelijke ordening laat de productie van hernieuwbare energie in landbouwgebied toe. Dat zie je vandaag aan de windmolens op landbouwpercelen. Zonnepanelen zijn een nieuwe insteek en vragen om een precedent in de vergunningverlening.”

Begin dit jaar verklaarde de dienst Omgeving van het Departement Landbouw en Visserij op VILT.be dat zonneparken in theorie kunnen in landbouwgebied, maar dat zij hun advies in zulke dossiers wikken en wegen. Een inplanting op een ‘restperceel’ wordt doorgaans gunstig geadviseerd. Grootschalige zonneparken op vruchtbare landbouwgrond zonder enige binding met een landbouwactiviteit, adviseert het Departement Landbouw en Visserij tot op heden ongunstig.

Bron: eigen verslaggeving

Beeld: KU Leuven

Volg VILT ook via