nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

12.07.2019 Melkveehouders solidair bij zware uitbraken botulisme

Het meest gelezen VILT-artikel uit 2018 deed het verhaal uit de doeken van een landbouwer uit de Noorderkempen die bijna gans zijn veestapel verloor aan botulisme. Circa 180 koeien en kalfjes bezweken aan de bacterie. Ieder jaar maakt botulisme via besmet voeder wel enkele dodelijke slachtoffers, maar zelden is de schade op één bedrijf zo groot. Via het Sanitair Fonds kon geen oplossing geboden worden. Onder impuls van de landbouworganisaties heeft de zuivelsector nu zelf een solidariteitsregeling uitgewerkt om de financiële malaise van zulke drama’s te helpen opvangen. Dat gebeurde in de schoot van de nog jonge brancheorganisatie MilkBE.

Het verhaal van boer Rudy uit Wuustwezel werd meer dan 25.000 keer gelezen op VILT.be. Het lijkt wel een thriller want botulisme maakte zijn reputatie als sluipmoordenaar helemaal waar op het melkveebedrijf. Het kadaver van wat vermoedelijk een dode eend was, werd mee in een grasbaal geperst. Zo kwam de bacterie in het voeder van de koeien terecht. Van de ruim 200 dieren overleefden slechts acht koeien en twaalf kalfjes de vergiftiging. Nadien kreeg de landbouwer in kwestie nog meer slecht nieuws, want het Sanitair Fonds kon niet tussenkomen in het verlies van de veestapel.

Botulisme maakt wel vaker slachtoffers, maar zelden sterven er zoveel dieren op één bedrijf. Het risico daarop neemt wel toe door het gebruik van grote machines bij de graswinning. Daardoor kan het sneller gebeuren dat een kadaver van een wild dier aan de aandacht van de tractorbestuurder ontsnapt. De mengvoederwagens die ingezet worden om het voeder te mixen en vervolgens bij de koeien te brengen, vergroten het gevaar op een botulisme-uitbraak die veel slachtoffers maakt. Zodanig veel rundveehouders waren door het drama in Wuustwezel gealarmeerd dat de landbouworganisaties ijverden voor een tussenkomst in het verlies van de veestapel. Die komt er nu, via een solidariteitsregeling uitgewerkt door brancheorganisatie MilkBE.

De bestaande schaderegeling – een vergoeding voor de vernietigde melk – werd begin dit jaar door MilkBE overgenomen van het Sanitair Fonds. Voor melkveehouders is dat een nuloperatie want zij blijven dezelfde kleine bijdrage betalen. Daar komt vanaf 1 september een extra bijdrage van 3 eurocent per 1.000 liter bij om zware sterfte van melkkoeien te vergoeden. “Hiermee toont de sector zich solidair met bedrijven die zwaar getroffen worden door een uitbraak van botulisme. Elk bedrijf loopt immers risico en de impact kan zeer zwaar zijn”, deelt MilkBE mee. Aangezien MilkBE ongeveer 99 procent van alle melkleveringen dekt, is het solidariseren van zware schadegevallen een haalbare kaart. Voor een gemiddeld Belgisch melkveebedrijf van 600.000 liter kost dit 18 euro per jaar, exclusief BTW.

Het ingezamelde geld zal alleen voor het vergoeden van botulismegevallen gebruikt worden. De persmededeling van MilkBE geeft nog meer details omtrent de schaderegeling: “De tussenkomst is enkel voorzien voor gevallen van extreme sterfte. Bij meer dan 30 procent sterfte onder de melkkoeien komt men voor vergoeding in aanmerking. Stefte bij jongvee wordt niet vergoed. Maximaal ontvangt een veehouder een vergoeding van 115.000 euro, kwestie van het budgettaire evenwicht te bewaken. Bij de berekening van de schade wordt ook met een franchise gewerkt.” Melkveehouders die zich volledig willen indekken tegen schade door botulisme kunnen ondertussen ook terecht bij private verzekeraars. In Boer&Tuinder, het ledenblad van Boerenbond, geeft KBC Verzekeringen daaromtrent meer details.

Tot slot laat MilkBE nog weten dat de zuivelindustrie op haar beurt een extra 2 eurocent per 1.000 liter afstaat aan de brancheorganisatie ter versterking van het secretariaat. Dat luidt als volgt: “MilkBE blijft een heel lichte structuur, maar zal hierdoor beroep kunnen doen op het equivalent van één fulltime medewerker. Het secretariaat van MilkBE zal botulismedossiers afhandelen, dossiers in verband met melkkwaliteit opvolgen, initiatieven nemen op vlak van duurzaamheid en ketenrelaties, enz.” Met de extra financiering onderlijnt de zuivelindustrie haar geloof in de werking van een goed uitgebouwde brancheorganisatie.

Bron: eigen verslaggeving

Beeld: Rudy Anthonissen

Volg VILT ook via